Een trike rijdt anders dan een motorfiets. Een trike stuurt zwaarder. Maar je zit erop als een koning. Een zetel als een riante hangmat. Als een motorrijder na een lange rit verkrampt op ‘zijn fiets’ zit, toert de trike rijder nog ontspannen de wereld door. En je valt niet om op een trike zoals een motorrijder dat wel kan treffen in een glibberige bocht. Nadeel is dat je niet even snel door een file kan glippen met die brede achteras. En de twee enorme wielen achter de riante zetel, wil vooral de beginnende ‘triker’ wel eens vergeten. Er zijn al flink wat trikers geslipt in de berm en er zijn zelfs ongelukkigen die het uitstekende onderstel tegen een boom of geparkeerde auto hebben gejakkerd.
Wind door je haren
Groot misverstand is dat je op de stoere driewieler geen helm op hoeft te hebben. De wind door je haren mag alleen als je een goedgekeurde autogordel draagt. Diezelfde regels gelden ook voor de passagiers of passagiers, want er zijn mastodonten onder de trikes die twee grote comfortabele leunstoelen achterop hebben.Er zijn schattingen dat er een kleine duizend trikes in ons land toeren. Zo van de fabriek of zelfbouw. Verreweg de meeste trikes zijn uitgerust met een betrouwbare VW kever motor. Schakelen gebeurt, net als in de auto, gewoon met de pook, hoewel die wel meestal aan de linkerkant zit en dat is toch even wennen. De versnellingsbak is uitgerust met een achteruit. Dat scheelt met het in parkeren heel wat gezeul en getrek aan de zware trike. Verder heeft de trike een voetkoppeling, voetrem en uiteraard handgas.







